Venlo
 

Cultuurlandschap

Cultuurhistorie is de verzamelnaam voor archeologie, cultuurlandschap en monumenten. Het maken van kaders en regels voor bescherming en ontwikkeling van cultuurhistorisch erfgoed is een taak van het Rijk en van gemeenten. Binnen de gemeente Venlo geeft de sectie Monumenten en Archeologie van de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling hieraan invulling.

 

Gemeente Venlo
Afdeling Ruimte en Economie

Team Wonen en Leven

Cluster Erfgoed

 

Garnizoenweg 3 gebouw F

Postbus 3434

5912 RK  Venlo

tel 077-359 63466994
cultuurhistorie@venlo.nl

 

 

De gemeente Venlo gaat zorgvuldig om met het bieden van correcte en actuele informatie aan de bezoekers van deze website. Zij kan echter niet garanderen dat deze informatie in alle gevallen foutloos, volledig en actueel is. Komt u informatie tegen die niet correct of verouderd is, dan stellen wij uw reactie bijzonder op prijs.

 

Aan de informatie op deze website van de gemeente Venlo kunnen geen rechten worden ontleend. Verder aanvaardt de gemeente Venlo geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van onjuistheden en/of gedateerde informatie.

 

Het auteursrecht van informatie die via links toegankelijk is ligt bij de eigenaar van de betreffende pagina’s. De gemeente Venlo is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de sites waar naar wordt verwezen. Koppeling houdt ook geen bekrachtiging van gegevens in.

 

© 2010-2015 │ gemeente Venlo Monumenten en Archeologie

Unieke doolhoven ontdekt op Landgoed Arcen

Waarschijnlijk zijn de resten van de oudst bekende doolhoven van Nederland ontdekt op Landgoed Arcen. Met nieuwe archeologische zoekmethodes, in opdracht van de gemeente Venlo, is een regelmatig patroon ontdekt in de bossen waar heel duidelijk een doolhofstructuur in te herkennen is. Op oude kaarten van de omgeving van Arcen staat ter plekke van de huidige bossen van Kasteel Arcen, de veldnaam ‘Dolgaard’ geschreven, de oude naam voor doolhof.

 

In het beukenbos van het landgoed zijn, voor wie goed kijkt, grondwallen te zien. De bodem van dit bos is in het verleden vergraven voor de aanleg van bos. Die bosaanleg gebeurde vaak op wallen, zogenaamde rabatten. Onderzoek naar de patronen was moeilijk want luchtfoto’s leverden geen duidelijkheid op vanwege het bos. Amateurhistorici bleven tot voor kort met de grote vraag rondlopen, waar de Doolgaard dan eventueel lag.

Doolhoven Arcen

Nieuwe technieken

Hoogtemetingen van de bodem worden in de archeologie gebruikt om oude patronen op te sporen. Tot voor kort nog met een waterpasinstrument, tegenwoordig kan dat vanuit een vliegtuig met laserlicht. Het laserlicht kan door een bladerdek heen waardoor zelfs kleine reliëfverschillen van de bosbodem zichtbaar worden. Deze gegevens worden in computers bewerkt en dat is voor archeologen en landschapshistorici een nieuwe bron van informatie.

 

Archeologen doen een ontdekking

Archeologen zagen snel dat de ogenschijnlijke bosaanlegpatronen een zeer gaaf doolhofpatroon was. In Nederland heeft Landgoed Arcen het eerste doolhof dat ooit als archeologisch spoor is aangetoond. Er blijken nu zelfs twee ‘dwaaltuinen’ bij elkaar gelegen te hebben.

 

Grote doolgaard en Kleine doolgaard

De Grote Doolgaard is een prima bewaard gebleven rechthoekig doolhofpatroon, bestaande uit 3 meter brede paden  met daartussen 3 meter brede grondruggen. Met een oppervlakte van 1,5 hectare en een padlengte van ruim 2 kilometer. De Kleine doolgaard vertoont een zeer eenvoudig patroon, maar heeft ondanks dat, toch nog een afmeting van 50 bij 100 meter ( een halve hectare). Beide doolhoven zijn aan de noordzijde doorsneden door een later aangelegde bosweg, maar desondanks nog goed herkenbaar op laserscan.

 

Ouderdom en toekomst

Doolhoven zijn vanaf de Renaissance populair als statusobject en dienden als vermakelijk tijdverdrijf. De Doolgaarden van Arcen waren in het bezit van de kasteelheren van Arcen. De doolhoven zijn in ieder geval van vóór 1805 het jaar van de oudst bekende kaart waarop de naam Dalgert vermeld staat. Daarmee zouden het de oudst herkenbare doolhoven van Nederland zijn. Vermoedelijk zijn ze aangelegd rond het begin van de 18e eeuw de periode van het huidige kasteel. Mogelijk zijn ze een eeuw eerder aangelegd toen het Nije Huijs, de voorganger van het huidige kasteel, gebouwd werd. In die periode werd de bevolking van de omliggende dorpen opgetrommeld om, onder toezicht van een walmeester te komen graven.

 

Bron: Limburgs Landschap